Terugreis – dag 2

“Goedemorgen, alarmcentrale, waarmee kan ik u helpen?”

Ik steek mijn verhaal af: Dat wij met de motor op vakantie zijn, dat mijn man zijn derde heftige pijnaanval heeft, dat hij hartpatiënt is en dat verder rijden mij heel gevaarlijk lijkt. Want wat als zo’n aanval komt op het moment dat er toevallig even niet een benzinestation annex MacDonalds in de buurt is? 

“Tja”, zegt de man. “We kunnen natuurlijk niet iemand zo maar even ophalen. Het lijkt mij het beste als u even naar het ziekenhuis rijdt.
”Wat!? We zitten hier aan de autostrada, 100 km van Poznan, we zijn op de motor en ik vertel net dat hij, die daar dubbelgeklapt van de pijn over een bank hangt, niet in staat is om motor te rijden.

“U kunt misschien een taxi bellen?”, is het antwoord. “Of anders een ambulance, bij de meldkamer daar spreken ze vast wel Engels.”

Maar, de alarmcentrale van mijn verzekering is er toch juist voor om mij te helpen? Ik snap wel dat hij ons niet ‘even kan komen ophalen’ zoals hij dat zo grappig zegt. Maar het advies om op de motor te stappen en naar een ziekenhuis te rijden had ik niet echt verwacht, zeg maar.  Want dat kan ik zelf ook nog wel bedenken. 
Ik zit hier in, volgens mij, de enige MacDonalds in Polen waar niemand Engels spreekt. Toen ik net aan een medewerker vroeg of ik mijn koffie bij haar kon bestelen of aan de kassa keek ze me aan alsof ze het in Keulen hoorde donderen. En Google Translate heeft de laatste tijd zoveel rare vertalingen gegeven dat ik die ook niet meer vertrouw.

De man reageert heel begripvol. “Nou, ik denk toch dat het goed is als u even naar een ziekenhuis rijdt.”

Ik ga altijd goed verzekerd op vakantie. Ben lid van de Wegenwacht, met Europahulp en heb een uitgebreide doorlopende reisverzekering. Maar dit is nu de tweede keer binnen 1 maand dat ik ze nodig heb en dat ik eigenlijk duidelijk te verstaan heb gekregen dat ik het zelf maar moet uitzoeken.

“Ik leg wel een dossier aan hoor mevrouw, zegt de montere man aan de andere kant van de lijn. En laat u even weten hoe het afgelopen is?”

Dag 2 van onze terugreis begon niet goed. Ik werd wakker van een vreemd geluid naast mij. Ariaan lag te kermen van de pijn op, in of aan zijn borst. Geen tintelingen dus een nieuwe hartinfarct is wel het eerste waar je aan denkt maar in dit geval leek het niet zo. Wat dan? Slokdarmontsteking? Geen idee. 
Na de eerste aanval ging het beter tot aan het ontbijt de tweede kwam. 

Dus hielden we topoverleg: wat gaan we doen. Rust nemen en nog een dag in dit hotel blijven? Ariaan kiest ervoor om even rustig aan te doen, te zien of het beter gaat en dan te beslissen.
Uiteindelijk wil hij toch graag vertrekken. Ik heb mijn bedenkingen maar hij is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen risico’s en ik snap ook dat hij graag weg wil. Wil ik ook. Dus we gaan.

Na krap een uur rijden is het dus mis. Na het telefoontje met de montere medewerker van de alarmcentrale en nadat Ariaan wat is bijgekomen bespreken we de opties. We blijven lang zitten in de koele airco en gaan uiteindelijk toch weer op weg.

We stranden nog een keer in de berm langs de snelweg omdat Ariaan ineens het gevoel kreeg dat ie duizelig werd. En dus zitten we samen achter de railing in het gras  een watertje te drinken met achter ons het voorbijrazende verkeer.  

Maar, de rest van de tocht gaat toch goed. Ik blijf achter rijden om de boel een beetje in de gaten te houden maar Ariaan gaat goed. We komen zelfs tot aan Hannover. Dat was ons plan maar na de langzame start, de vele stops en de warmte hadden we het niet meer verwacht. We komen bij in een heerlijk hotel met een vriendelijke eigenaresse en een kamer met balkon. Om af te koelen. 

En die alarmcentrales? Zowel die van de ANWB als die van mijn reisverzekering: Ze kunnen wat mij betreft de pot op!